In 1889 vertrokken en arriveerden op het Centraal Station dagelijks 194 treinen. In 1904 waren dat er 404 en in de jaren tachtig waren dat er 1000. Tot 1904 liep er ook een paardentram van het Centraal Station naar de Weesperzijde. Vanaf 1904 werd het stationsplein het belangrijkste knooppunt voor het stedelijk openbaar vervoer. Ruim dertig jaar na de bouw werd het station al uitgebreid, omdat het emplacement niet genoeg ruimte meer bood voor het groeiend aantal reizigers en treinen. Het aantal sporen werd verdubbeld en er werden drie nieuwe perrons bijgebouwd, overdekt door een tweede kap. Hiermee werden de onderdoorgangen naar de IJzijde voor het verkeer aan de oost- en westkant van het eiland langer.